Er staan heel wat bijzondere en aardige geschiedenissen in de bijbel. Bij het lezen van veel van die verhalen denk ik vaak: waarom staat dit of dat er nou in, of waarom wordt niets gezegd over wat in dat andere bijbelboek staat? Als je er een “deskundige” naar vraagt, is het antwoord meestal dat het daarover hier niet gaat.
Neem nou dat verhaal over de machtsgreep van Absalom tegen zijn vader David; dat kan zo tot stripverhaal worden omgetoverd. De bijzondere figuur is natuurlijk Achitofel; ja… dat ik vind ik nou wèl! Dat wàs echt iemand, die Achitofel uit Gilo. Hij wordt “de raadsheer” van David genoemd, dus iemand die overal bij was en van de hoed en de rand wist van alle staatszaken. Naar Achitofel werd geluisterd. Dat was ècht niet iemand om zomaar aan voorbij te gaan. Hij was de vader van Eliam staat in 2 Samuel 23. En wie was dat dan? Nou, behalve dat hij één van Davids helden was, was hij de vader van Batseba… jawèl!
Het was vast niet voor niks dat David speciaal bericht kreeg dat Achitofel zich had aangesloten bij Absalom. Iedereen van de David-partij snapte kennelijk heel goed dat de koning weinig goeds had te verwachten van die vader van zijn oude oorlogsmakker Eliam. Ja, David had hem en zijn familie uit pure lust beduveld en zijn schoonzoon, die fidele Uria, gewoon laten vermoorden. Dàt was trouwens ook één van Davids helden: Uria de Hethiet. Hij zal bij de verovering van Jebus wel door David met legeronderdeel en al zijn ingelijfd, denk ik. Zo kon dat gaan als je als militair door de overwinnaar als realistisch, kundig, betrouwbaar en eerlijk werd beoordeeld.
Achitofel had zich niet voor niets bij Absalom aangesloten. Hij had het helemaal gehad met die David, die “uitverkorene des Heren” zoals hij zich graag liet noemen. Nee, als het aan hem lag… en hij spoedde zich spoorslags naar Absalom, waarschijnlijk met een extra koffer vol dossiers die hij nog tegen David kon gebruiken. Zo snel mogelijk met een uitgelezen troep David achtervolgen en executeren, vóórdat die zijn zaken en zijn stijdkrachten op orde kon krijgen, dàt moest er gebeuren. En als hij -Achitofel- daarbij een handje kon helpen… graag!
Tijdens de tocht naar Absalom zal de hele geschiedenis met zijn kleindochter en haar man nog wel eens aan zijn geestesoog zijn voorbijgegaan. Als hij eraan dacht werd hij opnieuw razend. Hij moest zo vlug mogelijk naar Absalom om te voorkomen dat de hele zaak alsnog in het honderd liep en David het initiatief terug wist te krijgen. Dan zou hij de opstandelingen best eens behoorlijk in het nauw kunnen drijven. Tenslotte had de bijna ex-koning overal mensen zitten die aan hem verplicht waren en werd hij omringd door oude rotten in het krijgsbedrijf.
Zoals alle grootvaders doen met kleinkinderen, heeft hij Batseba natuurlijk op zijn knieën paardje (of ezeltje) laten rijden en heeft misschien op haar gepast vroeger, want mama moest vast wel eens weg en papa was àltijd op pad… op veldtocht voor die David!
Het is met Achitofel niet goed afgelopen. Hij was vast veel te haatdragend en opgewonden om aan Absalom en zijn mannen rustig en evenwichtig een weloverwogen advies te geven. Zo kan dat gaan met iemand die alleen door wraakgevoelens wordt geleid. Hij verhing zich, zo staat vermeld: hij zag het helemaal niet meer zitten.
Het gaat soms vreemd in het leven. Nooit heeft hij geweten dat de zoon van zijn kleindochter Salomo zou heten, Salomo… de gróte koning. Diens verstand en wijsheid zouden wereldwijd spreekwoordelijk worden, zonder twijfel een erfenis via de genen van die grootvader van Bathseba: Achitofel.
