logo

Gewoon, midden in de kerk eten. Dat heeft wel iets, vind ik. Nou ja, eten, het was eigenlijk meer uitgebreid tafelen, jawel hoor! Als ik recht voor me keek, zag ik de boogramen van het kerkje met een samenstel van vierkante glas-in-lood raampjes in de kleuren rood, oranje, geel, groen, blauw, indigo en violet. Dat is natuurlijk niet zomaar iets, nee... dat zijn de kleuren van de hoop: de hele regenboog zit erin. Zo’n regenboog is vanouds een heilige zaak, een goddelijke manifestatie, zij vormt een brug naar de andere kant, naar gene zijde! Links van mij kon ik de ruimte zien die de in- en uitgang had gevormd, een soort hal waarin ik de collectebussen bijna nog kon zien hangen, en als ik héél goed keek de collectanten voor de uitgangscollecte nog in een waas kon waarnemen. Boven de hal was duidelijk de plek van het orgel geweest; de wenteltrap naar boven was er nog. Maar de preekstoel... waar die nou gestaan had? En de plek van het doopvont kon ik ook niet zo vlug bepalen, maar och, dat kon op vele plaatsen zijn geweest. In elk geval was er nu geen spoor meer van te bekennen.

Aan de buitenkant stond op de frontgevel de naam van het établissement: ...TIJD. Ik vond het een prachtnaam. Op de menukaarten stond vermeld dat er ‘tijd’ was voor koffie (met of zonder iets erbij), ‘tijd’ voor lunch (warm of koud), ‘tijd’ voor thee (meer of minder uitgebreid) en ‘tijd’ voor diner (van beperkt tot zeer groots). Het was een plaats vol heerlijkheden, die opgediend werden aan tafels voor naar keuze twee, vier of zes personen en zo gewenst meer. De tafels hadden een zwart blad met daarop een soort placemats van vierkante vloertegels, uitgevoerd in verscheidene kleuren. Simpel, bijzonder en zeer stijlvol vond ik. Ik was daar met mijn vrouw, we waren er eenmaal eerder geweest, maar ik vond de zaak van binnen aanmerkelijk verbeterd. Toen heette het restaurant nog “de pastorie”. We vroegen aan degene die ons bediende, of hij iets wist van de geschiedenis van dit kerkje en of het in andere handen was overgegaan. Dat laatste was het geval; veel wist hij niet van de geschiedenis van dit gebouw, maar hij zou vragen of de chef straks even bij ons langs kwam want die wist er wel het één en ander van.

Na een bijzondere amuse en een werkelijk uitstekende soep en een hoofdgerecht (met daaraan voorafgaand een tussendoortje) kwam de chef even bij ons aan tafel zitten. U had iets willen weten over het gebouw? Nee, een kerk was dit nooit geweest. Vroeger was hier de pastorie van de Nederlandse Hervormde Gemeente. Dit gebouw werd voor van alles gebruikt: muziekuitvoeringen, muzieklessen, gymnastiek, feestjes en ook wel voor kerkelijke bijeenkomsten, maar een kerk, nee dat was het niet. Ook de ramen waren dus geen kerkramen. En een orgel? Nee, dat had er nooit gestaan. Toen ik de zaak later nog eens beter opnam, kwam ik tot de slotsom dit nooit mogelijk zou zijn geweest. De constructie was daar helemaal niet op berekend. Wat je zonder kennis van zaken al niet allemaal kunt bedenken in zo’n restaurant! Ja, de chef gaf toe dat het best iets had van een kerkje, maar het was het echt nooit geweest. Ik maakte hem een compliment voor zijn culinaire prestaties en drukte hem op het hart om het kerkelijk aanzien van het gebouw te behouden en uit te buiten.

Ach, ik vind dat zijn slagzin ‘neem tijd met eten’ heel goed kan worden uitgebreid met enige bijbelse noties over tijd en maaltijden. Misschien nog enige heel zachte orgelmuziek op de achtergrond, en dan wel vanaf de plaats waar het orgel had kunnen staan. Aan de uitgang een collectebus ten behoeve van mensen zonder voedsel, misschien? Ja, dat zou best kunnen en je kunt er ook nog reklame mee maken. Eten in zo’n omgeving komt dan wel heel dicht in de buurt van een goede, geestelijke maaltijd in de vakantie. Het restaurant bevindt zich in Dieren. Als u er nog eens komt, hangen er misschien oude psalmborden met het menu...